Je bent hier: Startpagina › Thema's › Lijden › wereldvluchtelingendag 2011

KMS/AMOS Liturgische suggesties t.g.v. Wereldvluchtelingendag 20 juni 2011

 
Voor de weekendliturgie van 18-19 juni 2011
1. Voorbeden na de geloofsbelijdenis
 
God van Leven,
Veel mensen moeten vluchten - zo wordt aan ons gemeld –
Zij hebben veel te duchten van oorlog en geweld.
Om ’t vege lijf te redden verlaten zij hun land.
Zij zwerven langs de wegen hun have in hun hand.
Wil met hen de weg gaan Barmhartige God, zo bidden wij U.
 
God van Leven,
Wie vluchten trekken over grenzen op zoek naar veiligheid.
Maar in elk land zijn mensen die zijn hen liever kwijt.
Dus stopt men hen in kampen, als onderdak een tent.
Daar moeten zij maar wachten, de wereld denkt: dat went.
Wil ons openhartig maken Barmhartige en sterk in gastvrijheid, zo bidden wij U
 
God van Leven,
ook Jezus, Uw zoon,  moest eens vluchten voor een gewisse dood.
Herodus zei te duchten, een koning, klein maar groot.
Hem had ik willen helpen als ‘k toen maar had geleefd.
Zijn tranen willen stelpen. Wie niet, die om Hem geeft?
Wil ons moedig maken in de bijstand en de hulp waar nodig en verwacht, zo bidden wij U.
 
God van Leven, gij vraagt ons:
zoek hen op langs de wegen en breng hun van uw brood.
Gij smeekt dat wij hun weer toekomst geven, weer uitzicht en weer moed.
’t Is Christus zelf die ons dat vraagt.
Wil ons Zijn Geest van ontmoeting en openheid geven, zo bidden wij U.
2. Een dialoogtekst om voor te lezen
 
Abraham: Mijn naam is Abraham. Recentelijk zijn we hier gekomen in Kanaan, een vreemd
land. We hebben nog wel enkele bezittingen, maar we hebben hier geen familie die voor ons
kan zorgen als we dit niet langer zelf kunnen. Thuis hadden we een hele grote familie. God
riep ons naar hier. Hebben de mensen hier daar begrip voor? Kunnen wij er op rekenen dat zij
voor ons op zullen nemen in hun kring of zien ze ons veel meer als problematische
vreemdelingen die ze weigeren?
 
Protest: Neen, geen denken aan. Waar zouden we heengaan als alle oude mensen die niet
kunnen werken hier heen komen. Moeten wij voor hen de oude dag verzekering zijn? Wij
hebben jullie niet gewaagd naar hier te komen. Zoek het zelf maar uit, maar zonder ons.
 
Jacob: Mijn naam is Jacob. Ik ben gevlucht omdat ik mezelf behoorlijk in de problemen heb
gebracht. Ik kan niet terug gaan, want mijn broer zou me vermoorden. Nu ben ik in een
vreemd land. Kan ik rekenen op de mensen hier? Zullen ze me werk geven? Zullen ze me fair
behandelen? Of zullen ze me links laten liggen?
 
Protest: Zorg maar dat je ergens anders heen kunt gaan. Wij hebben normen en waarden hier
en we willen niets te maken hebben met types zoals jij. Wie weet waartoe jij in staat bent,
niemand van ons voelt zich meer veilig als jij hier bent.
 
Jozef: Mijn naam is Jozef. Mijn broers hebben me verkocht. Ze waren me vijandig gezind,
maar ik moet toegeven ik had een goed leven op hun kosten. Nu leef ik hier met ene Potifar.
Zijn vrouw vertelt rare verhalen over mij. Zal Potifar mij geloven? Of zal men mij
beschuldigen alleen maar omdat ik een vreemde ben?
 
Protest: Je kunt niet van ons verwachten dat wij je zomaar geloven. We hebben veel slechte
ervaringen met allochtonen. Als je aan heel veel voorwaarden voldaan hebt dan zullen we
eens zien.
 
Mozes: Mijn naam is Mozes. Ik wil vechten voor de vrijheid van mijn volk. Ik heb een
Egyptenaar dood geslagen. Dat was moord, politieke moord. Nu leef ik hier als een
vluchteling. Hoe zal het me hier vergaan?
 
Protest: Politieke moord, dat is de laatste strohalm. Hier is geen plaats voor moordenaars. Wij
zullen je onder geen enkele voorwaarde hier toelaten.
 
Ruth: Mijn naam is Ruth. Ik kwam hier naar Bethlehem met mijn schoonmoeder Naomi. Wij
zijn weduwes en hebben geen kinderen en geen geld. Waar kunnen we hier van leven. Naomi
kan niet meer werken. Zal iemand mij helpen zodat ik voor ons beiden de kost kan verdienen?
 
Protest: Ja, zijn wij de vluchtplaats van de hele wereld, we hebben genoeg aan onze eigen
armen.
 
Daniel: Mijn naam is Daniel. Mijn vrienden en ik hebben een ander geloof en andere
gewoonten dan de mensen hier. Zullen ze dat accepteren.
 
Protest: Jullie zijn vreemdelingen, en je zult je moeten integreren en je aanpassen. Waarom
moeten vreemdelingen zich altijd anders blijven gedragen.
 
Maria: Mijn naam is Maria. Ik ben naar Betlehem gekomen, samen met mijn man Jozef. Wij
hebben dringend behoefte aan een accommodatie voor een tijdje. Ik sta op het punt te
bevallen en heb een warme kamer nodig en een bedje voor mijn kind. Wij zijn arm. Zal
iemand ons helpen?
 
Protest: Nou, laat ik het maar direct zeggen, hier krijg je niets voor niets. Ook een autochtoon
kan niet ergens wonen zonder er voor te betalen. Ja, we kennen jullie soort, geen cent te
makken, maar wel kinderen op de wereld zetten. En daar moet onze samenleving dan voor
betalen.
 
Jozef: Mijn naam is Jozef. Ik ben hals over kop gevlucht met mijn vrouw Maria en mijn
zoontje Jezus. Koning Herodus wil het kind vermoorden. Nu staan we aan de grens, wat zal er
gebeuren, sturen ze ons terug?
 
Protest: Wij willen geen politieke moeilijkheden met Herodus, en dat zouden we kunnen
krijgen als we jullie hier binnen laten.
 
Voorganger: Nu is het een goed moment om elkaar de hand te reiken,
Nu is het goede moment om de vrede onder mensen te dienen,
Nu is het goede moment om met elkaar te bouwen aan een klimaat
Waarin de vreemdeling welkom is. Bidden we dan ook:
 
Allen: Heer Jezus, U spreekt ons aan op onze gastvrijheid,
U wekt ons om barrières te laten vallen.
Maak ons mild en open
om geen mens uit te sluiten
Zo bidden wij U die uw leven gegeven heeft voor allen en ieder,
U die leeft in eeuwigheid. Amen.
 
 
(met dank aan Kerk in Actie)
 
Nieuwe publicatie: Tot leven komen KRUISWEG van de immigrant als gebedskaart
 
KMS geeft TOT LEVEN KOMEN|de kruisweg van immigrant, uit in een handig formaat als plooibare gebedskaart. De vijftien kruiswegstaties worden verbeeld door unieke zwart/wit foto's die inzoomen op het lijdens- en opstandingsverhaal van mensen met een migratiegeschiedenis. Met korte teksten en bijbelfragmenten krijgt de nieuwe publicatie een meditatief karakter. Praktisch ook om mee te nemen onderweg.
 
 
De tekstkaart vindt haar oorsprong in de Sint-Barbarakerk in As-Ter Heide. Daar werd ze in maart ll. met teksten van pastor Simon Lambregs voor het eerst gebruikt t.g.v. de inhuldiging van de permanente tentoonstelling van de kruisweg in de kerk.  De combinatie van de foto's, de bijbelverwijzingen en de meditaties over de dagelijkse zoektocht naar het samenleven en - werken in diversiteit, geeft dit nieuwe drukwerk een bemoedigende en realitische kracht. Niet alleen voor de goede, maar voor elke week. 
 
praktisch: 0,75 euro / kaart (zonder verzendingskosten) te bestellen langs bestellingen@kms.be
 
 
KMS/AMOS beveelt
GRASKANT, de nieuwe poëziebundel van Wilfried Gepts, aan
 
Vluchtelingen, asielzoekers, migranten vullen markant het straatbeeld. Als gras tussen de straatstenen worden zij bekeken en soms bestreden. Om in hun identiteit te overleven, vinden kwetsbare vreemdelingen
elkaar aan de graskant, in de bermen van de maatschappij. Van hun kant voelen vele burgers zich bedreigd in hun identiteit door andere talen en waarden, kleding, godsdienst, tradities en leefgewoonten. Burgers én nieuwkomers zoeken een evenwicht tussen meervoudige, evoluerende identiteiten.
Sommigen ervaren het spanningsveld tussen identiteit en de broodnodige, interactieve integratie eerder als een mijnenveld. Uit respect voor de mens in de vreemdeling, de vreemdeling in elke mens,
wou ik me inleven in het vel van de vluchteling, op zoek naar de vluchteling in eigen vel.
Weerloze woordenvloed om de diepgewortelde onverdraagzaamheid en vrees voor het vreemde te overstijgen.

Tegen de tijdgeest in waag ik me op weg met de universele God op zoek naar het menswaardige in ieder mens. Met deze herwerkte poëzie zet ik me even langs de graskant, verwonderd over de veerkracht van gras.
(uit de inleiding)

 
Een bundel geschikt voor gebeds- en liturgische vieringen rond het vluchtelingenthema.
 
De bundel telt 44 pagina’s. Kostprijs: 10 euro
 
 
KMS/AMOS werkt mee aan de viering van
60 jaar Vluchtelingenconventie in België in het kader van de Umbrellaactie 2011.
 
Afspraak: Maandag 20 juni om 8 uur aan het station Brussel-Zuid en andere NMBS stations voor een ludieke publieksactie.
 
Info volgt op www.kms.be en wordt doorgestuurd naar de AMOSnetwerkleden.
 
Bescherming mag geen dode letter blijven!
 
EXTRA-INFO n.a.v. Vluchtelingendag 20 juni 2011
 
UNHCR laat het gezond verstand spreken in het zoeken naar een Europese aanpak ten aanzien van personen op de vlucht voor geweld
© UNHCR
 
Een hooggeplaatste UNHCR-functionaris, Volker Türk, stelt vraagtekens bij de manier waarop sommige Europese landen omgaan met mensen die willekeurig en wijdverspreid geweld in landen als Afghanistan, Irak en Somalië zijn ontvlucht. Hij stelt dat de aanpak van deze landen “vaak tegen het gezonde verstand ingaat.”
De UNHCR-directeur Internationale Protectie, Volker Türk, liet weten dat sommige asielstaten volhouden dat personen die conflicten of grootschalig geweld ontvluchten niet voldoen aan de definitie van vluchteling. Hij zei dit afgelopen dinsdag op een forum georganiseerd in Brussel ter gelegenheid van de opening van het Herdenkingsjaar, zestig jaar Vluchtelingenverdrag. Türk meent dat dit ingaat tegen de geest van het VN-Vluchtelingenverdrag uit 1951 wat “erop gericht is om vluchtelingen te beschermen.”
Türk, wiens speech ging over gebreken in de bescherming van vluchtelingen binnen Europa, merkte op dat er in de jaren ‘80 en ‘90 een debat is geweest in de Europese Unie over de kwestie van “vervolging door niet-gouvermentele eenheden.” Sommige landen argumenteerden dat vervolging door niet-gouvermentele eenheden niet voldoende is voor het verlenen van de vluchtelingenstatus. Deze discussie werd opgelost door de goedkeuring van een zogenaamde EU-Kwalificatie Richtlijn, welke een definitie van vervolging geeft dat vervolging door derden (gewone burgers) omvat .
Artikel 15c van de richtlijn geeft ook subsidiaire bescherming aan burgers die het gevaar lopen het slachtoffer te worden van willekeurig en wijdverspreid geweld wanneer zij worden teruggestuurd naar hun thuisland. Volgens Türk is deze bepaling een duidelijk voorbeeld van “ondoorzichtig woordgebruik als gevolg van een politiek compromis” en wordt het daardoor weinig gebruikt.
Türk wijst erop dat ondanks de EU-Kwalificatie Richtlijn sommige Europese landen nog steeds mensen terugsturen naar gebieden die worden geteisterd door algemeen geweld, bijvoorbeeld naar Afghanistan. Hier hebben de instabiele en veranderlijke aard van het conflict en de steeds verslechterende situatie een hoger aantal burgerslachtoffers tot gevolg, zijn er meer veiligheidsincidenten en ontvluchten een aanzienlijk hoger aantal mensen hun huis.
Terwijl Europa zich verliest in complexe discussies over juridische concepten, nemen Aziatische en Afrikaanse landen grote aantallen slachtoffers van algemeen geweld op, aldus Türk. Türk noemt als voorbeeld Syrië dat veel Irakezen opvangt, Pakistan dat Afghanen opneemt en Kenya dat een veilige haven biedt voor veel Somaliërs. Juridische debatten zouden niet de “noodzakelijkheid van bescherming” moeten overschaduwen.
Türk maakte bekend dat onderzoekers van UNHCR die de naleving van de Richtlijn controleren, tot nu toe steeds een zeer nauwe interpretatie van artikel 15c tegenkomen. In veel gevallen gaat die interpretatie volgens hem in tegen het gezonde verstand. Hij voegt eraan toe dat, omdat Artikel 15c zo weinig gebruikt wordt, er een kans bestaat dat het een “nietszeggend artikel wordt binnen de rechtsbescherming.”
Dit lijkt te worden veroorzaakt onder andere door de beperkte interpretatie van woorden als “ernstige schade,” “burger” en “willekeurig”, en de mate waarin sprake is van op de persoon gerichte aandacht.
In veel gevallen worden mensen niet erkend als vluchteling en krijgen zij geen aanvullende bescherming. Vaak worden zij wel beschermd tegen terugkeer naar hun land van herkomst op basis van nationaal recht. Dat recht verschilt binnen Europa aanzienlijk van land tot land. De vluchteling kan zich niet beroepen op een eenduidig pakket aan rechten.
Vorig jaar kwam ongeveer 20 procent van de asielzoekers die in Europa verbleven uit Afghanistan, Irak en Somalië. Zoals hier boven al vermeld is in deze landen sprake van algemeen geweld. Veel EU lidstaten zijn het echter niet eens met het standpunt van UNHCR dat het Verdrag van 1951 zo geïnterpreteerd kan en moet worden dat grote groepen mensen beschermd moeten worden als ze vrezen voor vervolging op grond van algemeen geweld.
Kurt Doermann, hoofd van de juridische afdeling van het Internationale Comité van het Rode Kruis, zei op de bijeenkomst dat er nieuwe vormen van conflict zijn ontstaan, maar burgerslachtoffers nog steeds behoefte hebben aan bescherming.
Sir Stephen Sedley, een rechter aan het hof van Engeland en Wales, bestempelde de Kwalificatie Richtlijn als een “slecht voorbeeld van wetgevende arbeid”. Katelijne Declerck van de Internationale Associatie voor Rechters van vreemdelingenrecht zei echter dat ze hoopt dat een meer samenhangende interpretatie van Artikel 15c kan helpen om een eenduidige reactie te geven op situaties waarbij burgers vluchten voor geweld.
Judith Kumin, directeur van UNHCR’s Europa Bureau en voorzitter van de bijeenkomst, merkte op dat de VN-Vluchtelingenorganisatie formeel gezien een adviserende rol heeft in het kader van het Algemeen Europese Asielbeleid. Het Europa Bureau werkt nauw samen met EU-landen en instituten om een zo effectief mogelijk systeem op te zetten, dat in lijn is met het Verdrag van 1951 en dat de gaten in de bescherming dekt.
Het forum werd dinsdag georganiseerd door UNHCR om te discussiëren over de omvang van de bescherming die mensen in Europa krijgen die gevlucht zijn voor de gevolgen van algemeen geweld. Dit in het kader van het 60-jarige bestaan van het Vluchtelingenverdrag. De deelnemers aan het forum waren personen van de rechterlijke macht, overheids- en EU-ambtenaren, academici en NGO-vertegenwoordigers.
Mei 2011.
Asielcijfers dalen in 2010 tot bijna de helft van het niveau in 2001
Asielaanvragen in 44 industriële landen bestudeerd   
GENEVE - Het aantal asielzoekers in de geïndustrialiseerde wereld bleef dalen in 2010. Het aantal zakte tot bijna de helft van het niveau aan het begin van dit millennium.
Dit was een van de belangrijkste bevindingen die de VN-vluchtelingenorganisatie vandaag bekend maakte in het statistisch overzicht 2010 van de asielaanvragen in 44 geïndustrialiseerde landen.* Het verslag behandelt enkel nieuwe asielaanvragen en laat niet zien aan hoeveel personen de vluchtelingenstatus is toegekend.
 
Volgens het rapport werden vorig jaar 358.800 asielaanvragen ingediend in de geïndustrialiseerde landen - een daling van 5 procent ten opzichte van 2009, en ongeveer 42 procent minder dan het hoogtepunt van dit decennium in 2001, toen bijna 620.000 asielaanvragen werden ingediend.
 
"Globaal is de trend aan het veranderen. Het aantal asielaanvragen in de geïndustrialiseerde wereld is veel lager dan een decennium geleden. Slechts in een handvol landen gaat het aantal omhoog", zei Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen, António Guterres. "We moeten de oorzaken bestuderen om te zien of de daling het gevolg is van minder push-factoren in de herkomstgebieden, of strengere migratiecontrole in de landen van toevlucht."
 
Aantal asielaanvragen daalt in de meeste regio's
 
Dalingen werden gemeld in de meeste regio's, waaronder in Europa, Noord-Amerika en Noord-Azië. Binnen Europa was de grootste daling te zien in het zuiden van Europa, waar het aantal aanvragen met 33 procent daalde ten opzichte van 2009. Vooral in Malta, Italië en Griekenland hebben minder mensen bescherming gevraagd. Elders is een stijging te constateren, vooral in Duitsland (49%), Zweden (32%), Denemarken (30%), Turkije (18%), België (16%) en Frankrijk (13%). In de Scandinavische landen was sprake van een aanzienlijke daling in Noorwegen (-42 procent) en Finland (-32 procent).
 
Van de continenten kreeg alleen Australië te maken met meer asielaanvragen ten opzichte van 2009. Australië ontving 8.250 aanvragen, een stijging van 33 procent. Niettemin was het aantal aanvragen daar ver onder het geregistreerde niveau in andere geïndustrialiseerde en niet-geïndustrialiseerde landen, en verminderd met eenderde ten opzichte van 2001.
 
VS aan kop ontvangerslijst
 
De Verenigde Staten bleef het land met het grootste aantal asielzoekers, reeds voor het vijfde achtereenvolgende jaar. Een op de zes asielaanvragen in de geïndustrialiseerde landen zoals genoemd in het rapport werden in de VS ingediend. Het land zag een toename van 6.500 aanvragen, deels als gevolg aan een stijging van het aantal Chinese en Mexicaanse asielzoekers.
 
Evenals vorig jaar was Frankrijk het land dat na de VS het meeste asielzoekers ontving, 47.800 in 2010, grotendeels bestaande uit Servische, Russische en Congolese asielzoekers. Duitsland werd het derde grootste ontvangende land met een stijging van 49 procent. Dat kwam met name door een stijging van asielzoekers uit Servië en de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië. Die ontwikkeling wordt algemeen toegeschreven aan de invoering van visumvrije toegang tot de Europese Unie voor burgers van deze twee landen sinds december 2009.
 
Zweden en Canada staan respectievelijk vierde en vijfde op de lijst.
 
Deze top vijf landen zijn samen goed voor meer dan de helft (56 procent) van alle asielaanvragen in dit rapport.
 
De meeste aanvragen ingediend door personen uit Servië
 
In termen van herkomst was de grootste groep asielzoekers in 2010 afkomstig uit Servië (28.900, inclusief Kosovo). Het land zag een stijging van 54 procent ten opzichte van 2009, toen Servië zesde stond op de lijst. Interessant is dat het aantal asielaanvragen in 2010 vergelijkbaar was met 2001, kort na de Kosovo-crisis.
 
Afghanistan schoof naar de tweede plaats met een daling van 9 procent ten opzichte van het voorgaande jaar. In tegenstelling tot in 2009, toen de Afghaanse asielaanvragen vooral werden ingediend in Noorwegen en het Verenigd Koninkrijk, werden in 2010 meer aanvragen ingediend in Duitsland en Zweden. Chinese asielzoekers waren de derde grootste groep asielzoekers in 2010, deels als gevolg aan een aanzienlijke daling van het aantal nieuwe aanvragen uit Irak en Somalië. Voor het eerst sinds 2005 behoorde Irak niet tot de twee landen van herkomst die de meeste asielzoekers genereerden. Irak is gezakt naar de vierde plaats, gevolgd door de Russische Federatie. Somalië, dat de derde plek bezette in 2009, daalde naar de zesde plek in 2010.
 
Wanneer we de laatste cijfers in de context van recente rampen in Ivoorkust en Libië plaatsen, merkte Guterres op: "Over het algemeen zijn het nog steeds de ontwikkelingslanden die het leeuwendeel van de verantwoordelijkheid dragen voor de opvang van vluchtelingen. Ondanks de vele andere uitdagingen waar zij voor staan, hielden landen als Liberia, Tunesië en Egypte hun grenzen open voor mensen in nood. Ik roep alle landen op om hen te ondersteunen."
 
* De 44 geïndustrialiseerde landen opgenomen in dit rapport zijn: De 27 EU-landen en Albanië, Australië, Bosnië en Herzegovina, Canada, IJsland, Japan, de Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, de Republiek Korea, Kroatië, Liechtenstein, Montenegro, Nieuw-Zeeland, Noorwegen, Servië, Turkije, de Verenigde Staten en Zwitserland.
 
Het volledige rapport, "Asylum Levels and Trends in Industrialized Countries 2010” is hier in het Engels
 
 
_____________________________________________________________________________________
 
Deze bundel werd samengesteld door:
 
AMOS
Oecumenisch netwerk christenen & migratie van KMS vzw.
secretariaat: KMS-Kerkwerk Multicultureel Samenleven
Huidevettersstraat 165 - B-1000 Brussel
tel: 02-5021128  fax: 02-5028101 amos@kms.be    www.kms.be
 
AMOS
Asiel.Migratie.Ontwikkeling |één verhaal | in Solidariteit