"Door de werkelijkheid te benoemen en een Woord van elders binnen te brengen, geven rituelen de deelnemers een identiteit. Een groep van mensen wordt tijdens het ritueel samengebracht rond de stervende patiënt. Beiden krijgen een duidelijke identiteit: één iemand in de groep zal weldra het leven verlaten en toevertrouwd worden in Gods handen. De anderen worden genoemd en betrokken als naastbestaanden op wie een appèl gedaan wordt om te ondersteunen, te troosten en Gods gelaat te vormen voor de stervende. Door verbondenheid te scheppen, relativeren riten de doodsangst van de mens die in zijn stervensproces afgesneden is van het gewone leven.
Rituelen leggen niet alleen een verbinding tussen de aanwezigen maar ook naar buiten toe. Ze verwijzen naar een grotere gemeenschap en naar het transcendente. Christelijke rituelen leggen een verbinding met de kerkgemeenschap en met God. Daarom kunnen ze in wezen nooit helemaal geïndividualiseerd worden. In een christelijk ritueel krijgen de deelnemers een identiteit die hen situeert in de gemeenschap van gelovige, zoekende en hopende mensen.
Rituelen tijdens het levenseinde verlopen zelden zonder het opwekken van gevoelens eigen aan het afscheid nemen. Maar ze brengen geen chaos teweeg. Mensen verliezen zich er niet in. Rituelen bieden een structuur waarbinnen gevoelens opgeroepen, geuit en tot rust gebracht kunnen worden. Pastores weten bijvoorbeeld, dat het geven van een kruisje aan de stervende een moment is, waarin het verdriet om het afscheid gewekt wordt. Maar de symbolische handeling van het kruisje geven biedt aan het familielid de kans deze gevoelens te uiten én tot rust te laten komen15. In die zin vormt een ritueel een kanaal voor de emoties en het gedrag van de deelnemers.
Rituelen tijdens het levenseinde zijn de sterkste vormen van overgangsrituelen. Maar in het leven van de mens zijn er ook herhaalbare rituelen die een basis vormen voor de overgangsrituelen. Zonder de eerste vervaagt de betekenis van de overgangsriten en dreigen ze magisch en geprivatiseerd te worden. We geven het voorbeeld van het Viaticum. Het ontvangen van het Viaticum als voedsel voor de laatste tocht, heeft het risico iets magisch te worden als de persoon in kwestie niet gewend was regelmatig de communie te ontvangen."
Overgenomen uit: A. VANDENHOECK, Het ligt voor de hand. Over een nieuw ritueel bij het levenseinde, in: D. POLLEFEYT & E. DE BOECK, Daad-werkelijk. Rituelen en zegeningen vandaag (Leuvense cahiers voor praktische theologie 8), Antwerpen, Halewijn, 2008, p. 155-156.
"De liturgische leegte tijdens de laatste levensuren van de mens, veroorzaakt door het naar voren schuiven van het sacrament van de ziekenzalving, wordt sinds ongeveer twintig jaar ingevuld door twee niet-sacramentele rituelen: de stervenszegening en de stervenswijding. (...)
We vermoeden dat het ritueel van de stervenszegening een theoretisch ontstaan heeft gekend. Het ritueel werd vijftien jaar geleden voor het eerst voorgesteld in de literatuur door voornamelijk beleidsmensen en gewijde pastores. Zij wilden een ritueel uittekenen voor de laatste levensuren van een mens waarin zowel lekenpastores als gewijde pastores konden voorgaan. De zogenaamde stervenszegening kan de volgende elementen inhouden: begroeting, zondebelijdenis, lezing, vernieuwing van de doopgeloften, voorbeden, onzevader, communie van de aanwezigen met speciale aanspraak voor de stervende, gemeenschappelijk smeekgebed, zegeninggebed, waarbij elke aanwezige de stervende zegent met een kruisje op het voorhoofd (...)
Meer dan de stervenszegening is de stervenswijding ontstaan uit en eigen geworden aan de praktijk van lekenpastores. (...) De ritus van de stervenswijding kan er zo uitzien: inleiding en kruisteken, gebed om ontferming en handoplegging, lezing (meestal psalm), voorbeden en onzevader, zegening met kruisje. De aanwezigen worden uitgenodigd mee de handen op te leggen en de stervende te zegenen. (...)"
Overgenomen uit: A. VANDENHOECK, Het ligt voor de hand. Over een nieuw ritueel bij het levenseinde, in: D. POLLEFEYT & E. DE BOECK, Daad-werkelijk. Rituelen en zegeningen vandaag (Leuvense cahiers voor praktische theologie 8), Antwerpen, Halewijn, 2008, p.160-162.
![]() |
Basis ziekenzegening |
| 986 b | |
| Wat? | Basis van een ziekenzegening |
|---|---|
| Bron | Ria Vercaemer - DVC Heilig Hart Deinze |
| Versie | April 2009 |
![]() |
Ziekenzegening afgestemd op individuele bewoner |
| 926 b | |
| Wat? | Ziekenzegening afgestemd op individuele bewoner |
|---|---|
| Bron | Ria Vercaemer - DVC Heilig Hart Deinze |
| Versie | April 2009 |
![]() |
Ziekenzegening afgestemd op individuele bewoner |
| 926 b | |
| Wat? | Ziekenzegening afgestemd op individuele bewoner |
|---|---|
| Bron | Ria Vercaemer - DVC Heilig Hart Deinze |
| Versie | April 2009 |
![]() |
Stervenzegening (patiënt is nog in leven) |
| 27.4 kB | |
| Wat? | Stervenszegening waarbij de patiënt nog in leven is |
|---|---|
| Bron | Sabien Hons - AZ Sint-Maarten Mechelen |
| Versie | September 2009 |
![]() |
Stervenzegening (patiënt is reeds overleden) |
| 27.4 kB | |
| Wat? | Stervenszegening waarbij de patiënt reeds overleden is |
|---|---|
| Bron | Sabien Hons - AZ Sint-Maarten Mechelen |
| Versie | September 2009 |
![]() |
Engelstalige ziekenzegening |
| 1,02 KB | |
| Wat? | Engelstalige ziekenzegening |
|---|---|
| Bron | Chris Adriaenssens - ZNA Antwerpen |
| Versie | December 2009 |
![]() |
Franstalige ziekenzegening |
| 1,02 KB | |
| Wat? | Franstalige ziekenzegening |
|---|---|
| Bron | Chris Adriaenssens - ZNA Antwerpen |
| Versie | December 2009 |
![]() |
Duitstalige ziekenzegening |
| 1,02 KB | |
| Wat? | Duitstalige ziekenzegening |
|---|---|
| Bron | Chris Adriaenssens - ZNA Antwerpen |
| Versie | December 2009 |
![]() |
|
| 1,02 KB | |
| Wat? | Spaanse ziekenzegening + vertaling |
|---|---|
| Bron | Chris Adriaenssens - ZNA Antwerpen |
| Versie | December 2009 |