Een rozenkrans (of paternoster) is een gebedssnoer dat gebruikt wordt door de katholieken als geheugensteun bij het bidden van het rozenkransgebed. Een rozenkrans bestaat uit 5 grote kralen en 50 kleine. Bij de grote kralen hoort een Onze Vader en bij de kleine kraaltjes hoort een Weesgegroet. Wie een rozenkransgebed bidt, bidt 150 maal het Weesgegroet en 15 maal het Onzevader, met andere woorden, men doorloopt de rozenkrans 3 keer. Aan de ketting zit een staartje met een kruis eraan. Deze staan symbool voor de inleidende aanroepen, gebeden en een geloofsbelijdenis.
Het bidden van een rozenkrans gaat gepaard met het gedenken van geloofsgeheimen (of mysteries). Er zijn 15 geloofsgeheimen, telkens gegroepeerd in groepjes van 5: de blijde, glorievolle en droevige mysteries. In 2002, het jaar van de rozenkrans, voegde paus Johannes Paulus II er de 5 geheimen van het licht aan toe. De mysteries geven een soort samenvatting van het evangelie. Het rozenkransgebed is een meditatie op de mysteries of de gebeurtenissen in het leven van Jezus die ons het plan van God openbaren om de mensen te redden. Sindsdien telt een rozenkransgebed 200 Weesgegroetjes en 20 Onzevaders.
De Blijde geloofsgeheimen zijn vreugdevolle gebeurtenissen uit het leven van Jezus en Maria:
De glorievolle geloofsgeheimen zijn glorievolle gebeurtenissen uit het leven van Jezus en Maria:
De droevige geloofsgeheimen zijn treurige gebeurtenissen uit het leven van Jezus en Maria:
Omdat Christus het centrum en de oorsprong van het rozenkransgebed is, mogen de belangrijke gebeurtenissen uit Zijn openbare leven er niet in ontbreken, aldus Johannes Paulus II. De paus onderscheidt de volgende vijf gebeurtenissen:
Deze gebeurtenissen moeten Geheimen van het Licht heten, aldus Johannes Paulus II, want "het gehele Christusgeheim is in werkelijkheid een geheim van licht. Hij is het 'licht van de wereld' (Joh 8:12)" (Rosarium Virginis Mariae, 21).
Naast het gedenken van de geheimen is er ook plaats voor gebedsintenties, zodat er ook een persoonlijk aspect aan dit gebed verbonden is.
Steeds na het noemen van een geheim en een intentie wordt er een tientje gebeden. Een tientje van de rozenkrans begint met het Onze Vader, gevolgd door tien Weesgegroetjes en afgesloten door de lof aan de drieëne God: “Eer aan de Vader en de Zoon en de Heilige Geest, voor de eeuwen der eeuwen. Amen.”
Jan Scheers gaat in dit boek op zoek naar het diepere niveau in de menselijke ervaringen, een niveau waarop ook Jezus leefde in het evangelie. Hij gebruikte de mysteries van het rozenkransgebed als leidraad. Het is niet de bedoeling van dit boek om de devotiepraktijk van het rozenkransgebed met alle macht te gaan promoten, wel om de inhoud en de mysteries beter te leren begrijpen. Klik hier voor meer info.