Mariale muziek weerklinkt.
De bedevaarders bieden bij aankomst hun kaars aan bij het kapelletje
dewelke neergeplaatst worden bij Maria. De bedevaarders nemen hun plaats in rond de kapel.
Welkom aan u allen! Vandaag zijn wij op bedevaart gekomen naar Maria. Op bedevaart komen is: opnieuw grond onder de voeten krijgen om verder zinvol en met hoop verder te kunnen leven. Wij vragen daarbij dat Maria ons zou helpen, zij die op een uitzonderlijke wijze ons voorbeeld is. Daarom komen we hier – rond deze kapel - samen om haar te eren en van haar te leren! We willen vooral bidden op haar voorspraak. Laten we dit samenzijn beginnen:
(+) In de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.
Amen.
God van het leven,
met velen komen wij samen
om te bidden en te zingen
van uw grote daden in de tijd.
Ook in ons leven wilt Gij grote dingen doen,
zoals u eens – in Maria – tot stand hebt gebracht.
Moeder Maria,
wij komen om te bidden en om een poos bij u te zijn.
wij hebben niets te geven,
wij hebben niets te zeggen, deze dag.
Maar bewaar voor ons de grote vreugde
dat wij U beminnen mogen, Moeder Gods,
als ik U vragen mag!
Amen.
Salve Regina, mater misericordiae
Vita, dulcedo, et spes nostra, salve
Ad te clamamus, exsules filii Hevae
Ad te suspiramus, gementes et flentes
in hac lacrimarum valle
Eia ergo, advocata nostra
illos tuos misericordes oculos ad nos converte
Et Jesum, benedictum fructum ventris tui
nobis post hoc exsilium ostende
O clemens, O pia, O dulcis Virgo Maria
Op bedevaart gaan is als het ware ‘bidden met de voeten’.
Zo zien wij ook onze bedevaart vandaag: als een totaal gebed tot Maria.
't Klinkt zo zacht mij in d'oren, het blijde weesgegroet.
Simpel zuiver en zoet, als 't lied der en'glenkoren.
Ave Maria, ave Maria,
kon o moeder mijn zingen diep in uw harte dringen.
Ave Maria, Maria
Komt mijn stervensuur nader, blijf Moeder dan bij mij.
Maak het sterven mij blij en voer mij tot de Vader.
Maria,
Wij herinneren ons niet al uw aanspreektitels uit de litanieën en waarschijnlijk hebben wij geen pasternoster op zak.
Wij vinden moeilijk de woorden wanneer mensen ons vragen wie U eigenlijk bent.
En soms hebben we het lastig om achter kaarsen en medailles Uw gelaat te herkennen.
Ik weet wel – moeder zei altijd – dat U ‘Moeder’ bent,
eenvoudig en vol overgave, maar dat is gemakkelijk gezegd.
Er is over U reeds veel geschreven;
kunstenaars hebben de mooiste beelden van U gemaakt;
op vele plaatsen van onze wereld
women duizenden mensen naar U op bedevaart,
want U bent zo genadevol,
U bent gezegend onder de vrouwen,
omdat U, ondanks alle pijn en onzekerheid,
trouw bleef aan Uw woord,
zelfs tot onder het kruis van Uw Zoon.
Wij komen niet bij U omdat U groot bent,
want we zien U niet vaak verschijnen in het Evangelie.
Wij komen bij U omdat Gij gelukkig waart door gewoon nederig Uw
werk te doen, omdat U, zonder alles te begrijpen, de weg gekozen hebt
van Uw Zoon.
Met U willen wij bidden, wij willen proberen om te geloven zoals U,
want gezegend is de vrucht van Uw lichaam, Jezus.
Daarom, Maria, komen wij vandaag tot U.
(priester)
Wij bidden nu tot God zoals wij vaak doen als wij Maria bezoeken
in een kerk, een kapel of ergens anders.
Hij zal luisteren wanneer wij onze zorgen aan Hem toevertrouwen.
En doen we dit op voorspraak van onze Moeder Maria.
(lector)
Eén voor één worden de intenties voorgedragen.
Elke intentie eindigt met:
“Laten wij hiervoor bidden, op voorspraak van Maria.
Wees gegroet Maria, …”
Er wordt ook telkens een bloem aangebracht tijdens het “Wees gegroet”.
(priester) God, verhoor ons gebed, zie met liefde neer op ons die hier vragend en zoekend bijeen zijn. Blijf ons nabij met Uw Geest, schenk ons Uw zegen bij al wat wij ondernemen, op voorspraak van Maria, ons aller Moederen door Jezus Uw Zoon en onze Heer. Amen.
Lieve Vrouwe van ons land,
Met uw kroon of sleep van kant,
En getorst door ruwe hand
Langs de vlakke wegen,
Lieve Vrouw langs beemd en gaard,
Lieve Vrouwke bij de haard,
Door geslachten vroom bewaard,
Schenk ons volk uw zegen.
Ave Maria, Ave Maria, Ave Maria.
Moeder die op Vlaandren waakt;
Van zover onz'heugnis raakt,
Al wat Vlaandrens grootheid maakt
Hebt gij ons gegeven:
Eenvoud, adel van gemoed,
Moederweelde, minnegloed,
Reinheid en de stille moed
Voor uw zoon te leven.
Ave Maria, Ave Maria, Ave Maria.
Gij hebt ons de vreê gebracht
Na zo meen'ge bange nacht:
Bij u vond ons volk de kracht
't Eigen huis te bouwen,
Lieve Vrouwe t'allen tijd
Blijve Vlaandren u gewijd,
In de zege als in de strijd,
In al vreugd en rouwen.
Ave Maria, Ave Maria, Ave Maria.
Maria,
wij zijn hier bijeengekomen
om U op handen te dragen
als Moeder van Jezus en van ons allen.
Geef iets van Uw groot geloof:
open voor Gods wil,
dienstbaar in het leven van elke dag,
moedig om met twijfels te leven,
trouw en volhardend tot aan het kruis
van Jezus, Uw Zoon en onze Heer.
Amen.
We zijn hierheen gekomen met groot vertrouwen in Maria.
Het licht dat wij hier mochten vinden, willen wij graag brandend houden in de komende tijd, lang nadat wij van hier zijn weggegaan.
Daarom hebben wij hier kaarsen ontstoken.
Wij stellen ons door het symbool van kaarsen en bloemen onder Maria’s blijvende bescherming.
Wij vragen haar deze bescherming ook zeer speciaal voor allen die hier nu niet aanwezig zijn maar die in gedachten toch bij ons zijn.
Maria … vergeet Gij hen niet!!
We zijn dankbaar voor deze bedevaart,
dank aan hen die een handje toestaken en dit mooie gebeuren mogelijk maakten.
Vol vertrouwen gaan wij weer op weg, vol geloof in de toekomst en in het leven!
God de Heer zij ons genadig.
Hij schenkt ons Zijn Heilige Geest en bemoedigt ons in het leven.
God de Heer zij ons nabij,
vandaag, morgen en alle dagen van ons leven.
God de Heer zegene ons,
op voorspraak van Maria:
(+) de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Amen.
Bron: Danny Vandenbroucke, mei 2006